We maken de laatste dingen aan boord op orde zodat we ons kunnen voorbereiden op een nachttocht naar Gibraltar. Omdat het over een paar dagen slecht weer wordt, willen we op tijd richting het zuiden. Tegen 18.00 uur verlaten we de haven en hijsen de zeilen. Nog voor het donker maak ik een voedzame pastamaaltijd aan boord. Rond 21.00 uur wordt het donker en net daarvoor is de wind een stuk afgenomen. Michel gaat een paar uur slapen en tegen middernacht navigeren we samen slingerend om een visgebied voordat ik een paar uur ga liggen. Later die nacht blijkt onze “verwachte” planning over de stromingen en getijde in de Straat van Gibraltar perfect was. Tot aan de Baai van Gibraltar kunnen we hiervan profiteren inclusief doodtij. We blijven in de tweede helft van de nacht allebei in de kuip en hebben ons voorbereid om met vier ogen het (zeer) drukke scheepsvaart verkeer in de Staat in de gaten te houden. Maar alles valt reuze mee, containerschepen zijn op veilige afstand en het is vrij rustig op zee. Genoeg tijd om ons heen te kijken de duistere nacht in, vinden het best indrukwekkend om Marokko en de verlichting van het continent Afrika zo dichtbij te zien liggen! Bij zonsopkomst komen we de haven van La Línea binnen en slapen nog even bij tot aan het middaguur.

De volgende dag willen we even een kijkje nemen in Gibraltar stad. Het is op loopafstand vanaf de haven maar er gaat wel het één en ander aan vooraf om er te komen. Met onze paspoorten op zak passeren we de grenscontroles, er is er één in het Spaanse deel en één in het Engelse deel en bij beide willen de douanebeambten toch even goed kijken in onze paspoorten. Daarna nog even de landingsbaan van het vliegveld oversteken en lopen richting de stad. Het eerste wat ons opvalt is dat er in dit stukje Groot-Brittannië niet links wordt gereden en het stuur niet rechts zit, wel hebben ze een eigen munt; de Gibraltarese pond, die qua koers gelijk is aan de Engelse pond en typische Engelse dingen als de bekende rode telefooncellen. Na een bezoekje aan de jachthaven, het centrum, de winkelstraat en een drankje op het terras keren we na een paar uur terug. Ook herhaalt zich de route van het oversteken van de landingsbaan en de grenscontroles.

Onze Engelse buren zijn met hun catamaran net vertrokken en hier om de hoek te gaan ankeren voor een nachtje. De volgende dag ligt er in de ochtend weer een catamaran naast ons, in dit geval Nederlanders met hun boot “Twins”, voor ons een oude bekende. Zij komen net uit de Canarische eilanden en zijn op weg naar Mallorca. De avond erna zitten we gezellig te borrelen in de kajuit met Han, Ingrid, Peter en zijn vrouw.

Al een tijdje heb ik zin in kip kerrie salade, maar is ook weer een ding wat hier niet te krijgen is. Dus gaan we het zelf maken, Michel is de kok. De kippenpoten worden gekookt en hij trekt er gelijk verse kippensoep van, het restant van de gekookte kip gebruikt hij voor de salade. En ik moet zeggen, beide smaken heerlijk, mag hij vaker doen 😉

Wandelschoenen aan, rugzak om, met voldoende eten en drinken gaan we als volleerd wandelaar op pad naar de rots van Gibraltar. Het passeren van de grenscontroles verloopt dit keer een stuk sneller maar dan……… de bellen rinkelen, lampen knipperen, slagbomen gaan dicht en iedereen staat stil! We staan voor het oversteekpunt van de start- en landingsbaan van het vliegveld en zien even later een vliegtuig voorbijrazen wat gaat opstijgen. De slagbomen blijven dicht en de lichten zijn nog niet gedoofd want wie weet komt er nog een vliegtuig (geen trein) aankomen. Een paar minuten erna komt er een geland vliegtuig voorbij taxiën. Snel is de overgang weer open en mogen we passeren. In de stad is het zoeken naar het startpunt van de wandelroute naar boven te vinden, maar al snel hebben we het trappenstelsel gevonden naar de eerste stop; Het Moorse kasteel. Na een bezoekje aan het kasteel vervolgen we onze wandeltocht naar o.a. het ondergrondse gangenstelsel en de berber apen. Na een onaangename kennismaking met een berber aap en Michel met een beet als gevolg houden we het voor gezien en gaan gauw naar de skywalk, grot, hangbrug en keren op het einde van de middag terug naar beneden om even bij te tanken op het terras met een verkoelend drankje.

We gaan een paar dagen op pad met een huurauto. Aangezien het spoor in deze regio een paar maanden op de schop is en er een paar keer per dag een bus rijdt naar het noorden, vinden we de auto op dit moment het meest praktisch. Op de eerste dag hebben we twee bestemmingen; Juzcar en Ronda, beide liggen in het binnenland op ca. 1,5 uur rijden. We hebben geen zin om de saaie tolweg te nemen en gaan binnendoor slingerend door het woeste Spaanse landschap. Juzcar is het Spaanse blauwe dorp oftewel smurfendorp. In 2011 is hier de 3D-film van de smurfen opgenomen en speciaal hiervoor alle huizen in het dorp blauw geschilderd. De bewoners hebben ervoor gekozen om het na afloop zo te laten. Dus niks geen eeuwenoude historie achter deze aandoenlijke blauwe huizen maar is nog allemaal vrij recent uit dit decennia. Als wij er komen is het er vrij rustig en stil, geen bewoner te bekennen (het is immers nog geen siësta) wel zijn er wat toeristen op de been. We maken een wandeling door het dorp en speuren hier en daar wat smurfen attributen zoals een standbeeld, beeldjes en stickers op ramen. Dan door naar Ronda, eenmaal daar vinden we gelijk een goede parkeerplek. Lunchen op een schattig pleintje grenzend aan de oude stadspoort en gaan via deze oude stadspoorten het oude centrum in. We wandelen o.a. langs Plaza de Torres (stieren-arena), Balcón del Coño (een uitkijkpunt), de kathedraal, Puente Viego (= oude brug) en Puente Nuevo (= nieuwe brug) met de indrukwekkende El Tajo kloof.

Op dag 2 staat Malága op het programma. Weer omzeilen we de tolwegen en nemen de route langs de kust. Een route met een onafgebroken rij van hotels, appartementen, vakantieparken- en resorts, restaurants, winkels, shoppingmalls en veel meer. Kortom een andere invulling van de kust die we tot nu toe tijdens deze reis hebben gezien in het Atlantische deel van Spanje. Maar hier komen we niet voor, het is Semena Santa (= heilige of goede week). En Malága is samen met Sevilla de grootste en meest indrukwekkende Semana Santa van Spanje. Het zijn processie optochten de week voorafgaand aan pasen. Het hele centrum is afgesloten voor autoverkeer, we parkeren de auto aan de rand van de stad en reizen met de trein naar het centrum. Elke dag van deze week is er een processie optocht van meerdere groepen per dag, gemiddeld 5 tot 7 groepen. De eerste groepen vertrekken tweede helft van de middag en lopen eerst door de buitenwijken van de stad, daarna komen ze ’s avonds aan in het centrum. De dag dat wij er zijn is de eerste processiegroep rond 00.30 uur klaar met lopen en de laatste om 4.30 uur.

Het is de tweede helft van de middag als we in het centrum aankomen, maar de eerste toeschouwers hebben hun plekje al veroverd langs de route in het centrum en zitten gereed op hun klapstoel. Verderop staan ook diverse tribunes klaar. Dan horen we muziek, niet veel later passeert een muziekkorps met marcherende soldaten. Onder het genot van een wijntje bij een tapasbar op het terras maken we onze verdere plannen en besluiten een dag langer te blijven en boeken online een hotel. Bijna alle (betaalbare) hotels in de stad zijn tijdens deze week niet meer beschikbaar, dus wordt het een hostel met privé slaapkamer. Na het wijntje gaan we op zoektocht naar ons onderkomen voor vannacht en checken in. Onderweg stuiten we al op onze eerste “troon” met de dragers. Daarna keren we terug naar het centrum om meer van de sfeer te “proeven” en de verschillende processiegroepen met hun “troon” met versierde ornamenten te bewonderen. Een zware troon kan tot 5.000 kilo wegen en heeft soms wel 100 dragers. We zien dat de dragers het zwaar hebben en afzien. Dan luidt de bel, de dragers mogen hun “troon” neerzetten en rusten. Een paar minuten later klinkt weer de bel en gaan de dragers weer verder door de straten van de stad. ’s Avonds als het donker is, is de processie helemaal mooi, er branden veel kaarsen en de “troon” met de versieringen van o.a. bladgoud schitteren hier goed bij. Kinderen zijn in de weer met kaarsvet en proberen zoveel mogelijk kaarsvet van de brandende kaarsen te bemachtigen van de lopers in de tocht die gekleed zijn in hun Ku Klux Klan-achtige outfits. Ook de geur van wierook blijft nog lang in mijn neusgaten hangen. Rond middernacht houden we het voor gezien maar de processie gaat nog uren door. Kortom een indrukwekkend geheel om mee gemaakt te hebben.

Voor meer foto’s tijdens onze reis zie onze Instagram account sailingaquamarijn2018

Facebook account SY Aquamarijn; https://www.facebook.com/Sailingaquamarijn

Reageren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.